Inleiding
De volledige titel van de Canon van Pachelbel is “Kanon und Gigue in D-Dur für drei Violinen und Basso Continuo”. Deze canon is het bekendste werk van de hand van de componist Johann Pachelbel.
Het hoofdthema in dit stuk wordt gespeeld door de bas. Het gaat hier om een basso ostinato. In het begin van het stuk wordt dit thema door de bas solo (zonder begeleidende bovenstemmen) gespeeld. Dit thema wordt in de rest van de compositie steeds ostinaat (zonder enige verandering) herhaald. De drie bovenstemmen zorgen voor de nodige variatie. Bij iedere volgende heraling van het thema in de bas vindt in de bovenstemmen een verandering plaats van melodische motieven en/of ritmische patronen. De inzetten van de bovenstemmen hebben een canon-vorm en hieraan heeft dit werk zijn naam te danken.
Het werk werd door Pachelbel geschreven omstreeks 1680 als een kamermuziekstuk voor Basso Continuo en 3 violen. Daarna zijn er door de eeuwen heen zeer veel transcriptie van gemaakt voor diverse orkestsamenstellingen.
Tot het stuk behoort ook een Gigue, maar deze wordt veel minder vaak uitgevoerd.